Einde aan het bedplassen


 

 

 

 

Einde aan het bedplassen

Sommige kinderen lukt het maar niet om ‘s nachts hun bed droog te houden. De grootste luiermaat is voor hen vaak al te klein. Wat is het advies van de huisartsen bij bedplassen?

Alweer een nat bed. Ouders worden er soms wanhopig van. En kinderen zelf ook. Want ze willen mee op schoolkamp of bij een vriendje logeren, maar ze schamen zich voor het feit dat ze nog een luier aan hebben. Of dat het bed misschien nat wordt. Toch lijkt bedplassen tegenwoordig een minder groot probleem dan vroeger. Dat is althans wat huisarts Bop Dijkstra ervaart. ‘Misschien komt het omdat ouders het anders aanpakken dan vroeger. De moderne begripvolle opvoeding werkt bij bedplassen beter dan een strenge aanpak met straffen. Waar kinderen met ADHD juist gebaat zijn bij een strikte opvoeding met veel structuur doet begrip het bij bedplassen juist beter.’

De aanpak van bedplassen begint met uitleggen wat de bedoeling is. ‘Dat lijkt heel simpel, maar dat is vaak al effectief. Aan kinderen vertellen dat ze voor het slapen moeten plassen en in bed niet, dat kan effect hebben. Ze gaan dan met die instelling slapen. Bij sommige kinderen helpt het om ze ‘s avonds nog een keer op te pakken en te laten plassen, voordat de ouders gaan slapen. Een beloningskaart kan ook werken. Op een kalender, zelf ontworpen of gekocht, plakt het kind iedere ochtend een sticker als het droog is gebleven. Bop Dijkstra: ‘Na een aantal droge nachten verdient het kind een beloning. Dat hoeft echt niet iets duurs te zijn. Het kan ook een keertje extra voorlezen zijn. Een dagje uit met oma of een middag spelletjes doen met een van de ouders.’

Helpt dit allemaal niet dan kan een plaswekker uitkomst bieden. Een plaswekker is een onderbroekje dat aangesloten is op een wekker. Zodra er een druppel urine in de onderbroek komt, gaat de wekker af. Het kind schrikt wakker. Het is de bedoeling dat het zelf de wekker afzet en zelf naar de wc gaat. Als het goed is, wordt het kind dus wakker en niet de ouders. Maar het kan natuurlijk een paar nachten duren voordat het kind door heeft dat het moet reageren op de wekker. De ouders prijzen hem als het goed gaat, zowel op het moment zelf als de volgende ochtend.

Laat het kind ‘s avonds en ‘s nachts zoveel drinken als het wil. Als de blaas vol is, kan hij namelijk juist goed oefenen met wakker worden en op de wc plassen. Soms moeten kinderen overdag vaak plassen. Ze hebben steeds aandrang. Dan is een blaastraining een goed middel. Als niets helpt en het bedplassen begint een echt probleem te worden dan kan het kind in het ziekenhuis een blaastraining volgen. Dat gaat nog meer gestructureerd dan thuis mogelijk is. De slagingspercentages liggen rond de negentig procent. Laat zindelijk worden is vaak erfelijk bepaald. Maar soms is er ook daadwerkelijk lichamelijk iets aan de hand. De huisarts vraagt dan eerst aan de ouders te kijken hoe een kind plast: een goede straal of druppels, ook overdag een natte broek. Suikerziekte, een urineweginfectie of vernauwing van de plasbuis kunnen de oorzaak zijn van ongewild urineverlies. Met onderzoek van de urine kan daar snel uitsluitsel over gegeven worden.

Psychische problemen

Sommige kinderen zijn al tijden droog en opeens beginnen ze weer met bedplassen. Psychische problemen kunnen hiervan de oorzaak zijn. De huisarts schakelt bij dat vermoeden de praktijkondersteuner in die in de praktijk de psychische hulp bij kinderen voor haar rekening neemt. POH-GGZ jeugd wordt zij genoemd. Ze kijkt hoe het thuis, op school, met vriendjes of vriendinnetjes gaat. Ook bij kinderen die in hun broek poepen is vaak meer aan de hand. De POH-GGZ voert gesprekken met het kind en/of de ouders. Soms verwijst zij door naar een specialist, zoals een psycholoog. Voor kinderen die hun poep niet op kunnen houden, is er in het ziekenhuis een speciale poeppoli.